Uw Innovatiecentrum na 2010
Geschreven op 07/03/2011
In 2007 werd het Innovatiecentrum Vlaams-Brabant opgericht door de beide Voka’s, Unizo en de Boerenbond in Vlaams-Brabant. Onder deze VZW werden de activiteiten die reeds in 2003 waren opgestart, verder gezet. Eind vorig jaar heeft Vlaams minister van innovatie, Ingrid Lieten definitief het budget vrijgemaakt voor de komende werkingsperiode van de Innovatiecentra, 2011-2014. Daarmee onderstreept de minister het belang dat ze hecht aan de Innovatiecentra en volgt het advies dat is voortgevloeid uit de uitgebreide evaluatie, die van ons is gemaakt. Hieruit blijkt dat de Innovatiecentra tegemoet komen aan een grote behoefte bij de kmo's. Een na- en een voorbeschouwing.
Enkele kenmerkende cijfers voor Vlaams-Brabant over 2007-2010
We hebben ongeveer 1700 bedrijfsbezoeken afgelegd bij 700 verschillende bedrijven. Daaruit volgden 400 begeleide partnermatches, 600 innovatieadviezen, 100 audits en 100 begeleide IWT studies en projecten. Maar er is meer; samen met de andere provincies werd een gemeenschappelijke huisstijl uitgewerkt. De eerder ontwikkelde innovatieaudit werd uitgebreid naar de dienstensector. Daarnaast werden nog andere praktische innovatietools ontwikkeld. We hebben een tweejarig project uitgevoerd rond diensteninnovatie onder de naam ‘tot uw diensten’. De hierin ontwikkelde instrumenten willen we in de komende projectperiode inzetten bij zowel diensten- als productiebedrijven.
Uit de evaluaties is ook een aantal verbeterpunten naar voor gekomen: o.a. de uitbouw van een lange termijn relatie met de klanten met aandacht voor opvolging van de bedrijven in een natraject is wenselijk. Ook het evenwicht tussen proactieve en reactieve benadering van de markt en gerichter communicatie van de Innovatiecentra en hun diensten werden aangehaald. Hieraan gaan we werken in de komende periode.
De volgende aandachtspunten lopen als een rode draad door onze plannen:
- Cruciaal is onze rol als navigator. Onze doorverwijsrol wordt binnen het Vlaams Innovatielandschap maar ook bij de bedrijven sterk geapprecieerd. In de toekomst willen we onze rol hierin versterken door nog meer samenwerking met de VIN-actoren (Vlaams Innovatienetwerk), de andere agentschappen en de werkgeversorganisaties.
- Een tweede aandachtspunt is integrale innovatie bij KMO´s. De begeleiding die we in het verleden aanboden, zal nog verder aangescherpt worden, mede dankzij de verworven inzichten op het gebied van diensteninnovatie. Onder integrale innovatie verstaan we het creëren van toegevoegde waarde door het vernieuwen van de totale waardepropositie, zijnde het resultaat van diensten, processen en het achterliggend verdienmodel, en dit (al dan niet) gecombineerd met een fysiek product.
- In onze rol als front office van het IWT, blijft het aanbrengen van bedrijven naar het IWT en in bredere zin naar het brede VIN-netwerk één van de kerntaken van het Innovatiecentrum.
- Zeer belangrijk bij de dienstverlening van de Innovatiecentra is het leereffect dat gerealiseerd wordt bij de bedrijven om het innovatievermogen duurzaam te vergroten. Veel van de tools zijn zo opgevat dat bedrijven, na een introductie door de adviseur, er zelf mee aan de slag kunnen gaan.
- Specifieke aandacht gaat uit naar complementariteit van de werking met andere organisaties binnen het Vlaams Innovatienetwerk (VIN), de stichtende leden in de raad van bestuur, het Agentschap Ondernemen. De Innovatiecentra bieden zelf geen sectorspecifieke of technologische ondersteuning. De nadruk ligt daarentegen op het binnenbrengen van kennis uit het VIN bij de KMO´s, en op het versterken van de omkadering van inhoudelijke innovatie. We leggen de nadruk daarbij op individuele begeleiding. Innovatiecentrum Vlaams-Brabant kiest ervoor niet te tariferen voor individuele dienstverlening.
Bas Sturm

